Toen ik me een poos geleden voor een optreden van ons zangtrio in vrouwenkleren hulde, deed ik een vreemde ontdekking. Ik vond het wel grappig om een jurk aan te trekken en rond te lopen op pumps. Maar toen ik mijn pruik opdeed en in de spiegel keek, herkende ik mezelf niet meer, ik was een vrouw geworden. Dat kwam door die pruik. Die veranderde mijn gezicht en mijn gevoel als bij toverslag. Ik dacht: wie ben ik eigenlijk? Ben ik dan toch niet helemaal een man? Ik raakte even in een kleine identiteitscrisis.
Even later traden we op en zongen we met ons Italiaanse liedje de sterren van de hemel. Iedereen was enthousiast. Maar mijn schoonzus had me niet herkend en meende dat ze voor niets was gekomen, want ‘Wilfred was er niet’. Een groot compliment. De transformatie was volledig gelukt. Een vriend voegde mij vervolgens toe dat ik me ‘zo natuurlijk had gedragen’. Daar was ik toen weer minder blij mee. Ik krijg zo’n compliment liever als man. Ik voel me niet een echte drag queen. Optreden in vrouwenkleding is leuk, maar na afloop van de voorstelling ben ik weer man. Het moet een spel blijven.
Waarom willen mannen zich verkleden als vrouw? Omdat de klassieke man-vrouw indeling ons structureel tekort doet? Als compensatie voor de beperkingen in het publieke leven? Er is tegenwoordig weliswaar meer ‘fluïditeit’ en dat is prachtig. Mannen met oorbellen zijn inmiddels doodgewoon – hoewel eigenlijk alleen oorringen of oorknopjes acceptabel zijn, daar gaan we al - en ook zie je steeds meer jongens die hun nagels lakken. Maar als ik in een rok voor de klas zou gaan staan, wordt er op zijn minst vreemd opgekeken. Mannen met naaldhakken baren ook opzien. Vrouwen hebben op dit gebied meer mogelijkheden, je kunt een rok of een broek aantrekken, je wel of niet opmaken, op naaldhakken lopen of op platte schoenen. Je kunt je als mannelijke drag queen veel meer permitteren en bovendien heerlijk overdrijven. Het is eigenlijk een vorm van theater. Aandacht verzekerd. En plezier! Maar gewoon in de tram of een taxi zitten is dan weer gevaarlijk. Je krijgt opmerkingen naar je hoofd geslingerd of je wordt zelfs agressief benaderd.
Een mens heeft zoveel kanten. Die kunnen we kennelijk niet altijd en overal vrijelijk uitleven. We willen uiteindelijk zo min mogelijk maatschappelijke beperkingen opgelegd krijgen om onze rollen in het publieke leven te spelen. De mate van vrijheid in die publieke ruimte hangt heel erg af van de cultuur en de tijd waarin je leeft, want niet alles blijkt altijd mogelijk.
Ik loop het liefst op sportschoenen. Die ene keer dat ik op pumps liep en me klaarmaakte voor een optreden, gleed ik trouwens vlak voor aanvang compleet onderuit en brak bijna mijn benen. Het publiek lag slap van het lachen, en dat is natuurlijk ook wat waard. Maar op vrijdagmiddag 30 oktober - ik ben dan te gast bij de maandelijkse regenbooglezing in de Oranjekerk – blijven de pumps absoluut uit, wel zo veilig.
.png)
.png)
.png)