In deze serie lichten we elke maand een tipje van de sluier op over het creatieve werk van Roze Stadsdorpers dat in het najaar te zien zal zijn. Deze maand, in de categorie beeldhouwen, Anita van der Zwaan (62, beleidsadviseur Ontmoeting en Buurthuiswerk in Zaanstad).

Anita van der Zwaan (foto Hugo Lingeman)

 

Ik gunde het mezelf

‘Op dit moment maak ik beelden van steen. Als kind was ik ook vaak creatief bezig met bijvoorbeeld textiel. Mijn eerste liefde op de middelbare school was dan ook de juf van de textiele werkvormen. Ik heb de kunst niet van huis uit meegekregen, ik kom uit een traditioneel arbeidersgezin. Mijn vader kon wel erg goed tekenen, maar heeft er nooit iets mee gedaan.

Toen ik een tijdje in Brabant woonde ben ik aan de kunstacademie begonnen. Ik voelde me daar niet zo senang en dacht: ik moet iets gaan doen om meer creatieve mensen te ontmoeten. In België heb je goede deeltijdopleidingen en mijn dochter was inmiddels een tiener die me niet dagelijks meer nodig had. Ook gunde ik het mezelf om er tijd voor te maken. In 2013 ben ik begonnen en vond het fantastisch; ik ging er elke vrijdag vrolijk heen.’

 

Een enkele reis naar de bijstand

‘Het was gedegen kunstonderwijs. Daar noemden ze de opleidingsrichting nog ‘Monumentaal’. Het was projectonderwijs waarin we afwisselend werkten aan twee- en driedimensionale kunst. Je kreeg steeds een opdracht, bijvoorbeeld om iets te maken in een bepaald materiaal of met een thema. Ik ervoer deze opleiding echt als een vliegwiel: vanaf die tijd ben ik heel veel gaan kijken naar kunst en ontmoette ik steeds meer mensen die me inspireerden. Bij de eindexpositie van die Belgische academie had ik ook mijn ouders uitgenodigd. Daar zei mijn vader: ‘Ik heb altijd gedacht dat jij naar de kunstacademie zou gaan.’ Dat had je wel eens eerder kunnen zeggen, dacht ik toen, ik heb me er nooit toe uitgenodigd gevoeld. Anderzijds, in die tijd was de kunstacademie een enkele reis naar de bijstand en als lesbische vrouw moest ik uiteraard mijn eigen geld verdienen. Dus dat was ’m waarschijnlijk toch niet geworden.’

 

Meer een hakker

‘Later, toen ik als zzp’er werkte, wilde ik graag meer met kunst gaan doen. Ik heb toen geprobeerd om Art to Remember objecten te maken voor mensen die iets of iemand misten. Als herinneringskunst. Maar daar kon ik toch echt niet van leven, dus het is voor mij altijd een hobby gebleven. Omstreeks 2019 heb ik het beeldhouwen in steen serieus opgepakt en ben ik les gaan nemen in beeldhouwen. Je begint meestal in speksteen, dat is heel licht en zacht, makkelijk te bewerken. Ook veel vijlen en schuren. Inmiddels ben ik meer een ‘hakker’. Drie jaar geleden ben ik in het Italiaanse deel van Zwitserland een week in Carrara-marmer gaan hakken. Dat vond ik heerlijk, want je kunt daar heel precies in werken. Kijk maar naar die prachtige Venussen met van die prachtige draperieën. Tja, dan kom je terug met drie stukken marmer en ben je daar zeker een jaar zoet mee. Een beeld maken vraagt geduld. Dat is voor mij ook een reden om ermee door te gaan: het maakt me heel rustig, als een soort meditatie. Het maakproces ontstresst me. Prettige bijkomstigheid als je daarnaast ook nog een sociaal beleidsmaker bent in een hectische gemeente.

Dus ik vind het heerlijk om op mijn vrije dag, het liefst buiten, bezig te zijn met het beeldhouwen. Boven in mijn werkkamer kan ik vijlen, polijsten, schuren of een kleimodel maken, maar echt hakken vinden de buren niet fijn. Ik heb nu een plek gevonden op een volkstuin van een docent waar ik met een groepje kan hakken en rotzooi maken. Maar ik zou graag een atelier hebben dat je met een paar mensen deelt en waar je elk moment naartoe kunt.’

 

Een soort coming out

‘Er is altijd wel ergens een bron van inspiratie. Ik krijg een idee, maar hoe het er precies uit gaat zien weet ik meestal niet, al werkende ontwikkelt het zich, het is echt een proces. Ik maak wel eens een schetsje of zoek een detail op. Vorig jaar heb ik een beeld ‘Roze in verzet’ gemaakt tijdens een beeldhouwweek in Frankrijk. De avond voor vertrek zag ik tijdens de Pride de musical Roze Verzet over het verzetswerk van Frieda Belinfante en Willem Arondeus. Het verhaal raakte me diep. Ik wilde er iets mee doen; er is nog geen monument voor het roze verzet. Ik ben ermee aan de slag gegaan in Frankrijk. Ik ga het nu afmaken voor de tentoonstelling in oktober: letters erin, poppetjes erbij, heel expliciet en zichtbaar. Het zou eigenlijk heel groot moeten zijn.

 

Anita aan het werk in haar atelier (foto Hugo Lingeman)

 

Het voelt bijzonder om mezelf nu voor het eerst als kunstenaar te presenteren tijdens de tentoonstelling van het Roze Stadsdorp. Ik moet nog kiezen welke beelden ik mee zal nemen. Nu ik wat meer werk heb, mag er ook wel eens wat weg. Ik ben benieuwd hoe mensen mijn werk vinden. Het is een nieuw soort coming out, daarom vind ik het spannend. Aan mijn beelden zit ook meestal een verhaal vast: ik heb het ergens voor gemaakt, er zit een bepaalde verwerking en gevoel daarover in. Daardoor voelt het soms ook wat kwetsbaar om het aan anderen te laten zien.’

 

Hoe het kan werken

Ik wil in de toekomst nog wel wat meer met beeldhouwen doen. Veel mensen die druk zijn in het hoofd - zoals ik - kunnen ermee geholpen zijn. Je bent met je handen bezig en hoeft niet persé te praten, je wordt er rustiger van. Ik ben nu als vrijwilligster gespreksleider van een groep jonge vrouwen met autisme. Heel zinvol voor de deelnemers maar een gespreksgroep heeft ook zijn beperkingen. Ik zou wel iets willen uitproberen met beeldhouwen om mensen te laten ervaren hoe het kan werken om meer rust te vinden in hun hoofd via het maken van een beeld.