In deze serie lichten we elke maand een tipje van de sluier op over het creatieve werk van Roze Stadsdorpers dat in het najaar te zien zal zijn. Deze maand, in de categorie schilderkunst, Hans van Beukering (65, fulltime schilder). Hans vertelt.
Hans van Beukering (foto Hugo Lingeman)
“‘Mag ik wel meedoen,’ vroeg ik, ‘want ik ben niet actief in het Roze Stadsdorp.’ Ik vind mezelf er wat te jong voor, ik hoor dat de gemiddelde leeftijd boven de zeventig is. Toen ik me aangemeld had voor de nieuwsbrief werd ik meteen benaderd door mensen uit de buurt, dat vond ik heel aardig, maar ik vond het toch te eng, ik ken niemand.”
Mannen met een vrouwelijke kant
“Wat ik maak? Portretten. Ik noem het geabstraheerde portretten. Ze zijn heel expressief geschilderd, meestal van foto’s van homomannen of mannen met een vrouwelijke kant. Wie zijn deze mannen en waar zijn ze naar op zoek? Sommigen proberen zich te verbergen terwijl anderen zichzelf bijna voyeuristisch laten zien. Ik probeer hun schoonheid, mannelijkheid, zachtheid, kracht, intimiteit en verlangens vast te leggen, in de hoop dat de persoon die naar het schilderij kijkt daar iets in herkent.
Ook heb ik een serie grote abstracte doeken geschilderd, geïnspireerd door de natuur. Het zijn landschappen die tijdens het schilderen ontstaan uit mijn eigen fantasie, mijn verbeelding. Met expressief kleurgebruik probeer ik een bepaalde sfeer weer te geven en de emotie die ik daarbij voel. Ik wandel iedere dag en doe zo inspiratie op.
Verder maak ik abstracte schilderijen, die helemaal geen onderwerp hebben. Techniek en materiaalgebruik bepalen de combinaties. Abstract is een andere tak van sport, het lijkt heel makkelijk, maar is eigenlijk heel moeilijk. Bij ieder schilderij gaat het erom dat er een bepaalde harmonie en balans in zit.
Ik schilder vaak vijf of zes doeken tegelijk. Meestal eerst met acryl en dan maak ik het af met olieverf. Met sommige kan ik maanden bezig zijn, dan zet ik ze een tijdje weg en ga er later mee verder. Zo groeien eigenlijk al die schilderijen.”
.jpg)
Landschap (foto Hans van Beukering)
Een soort innerlijk vuur
“Ik kom niet uit een kunstenaarsfamilie, maar ik herinner me dat ik op mijn veertiende, in Ede, al in mijn eentje naar een expositie ging. Dit wil ik ook, wist ik meteen, ik wil exposeren! Maar ik dacht ook: dat lukt me nooit. Ik sprak die kunstenaar en hij zei: ‘Als je kunt tekenen, kun je het leren.’ En zo is het ook gelopen. Ik heb de kunstacademie in Arnhem gedaan en ben grafisch ontwerper bij een bureau geworden. We deden heel veel voor theater, ik ontwierp bijvoorbeeld affiches voor het concertgebouw en allerlei artiesten. Dat heb ik vijftien jaar gedaan en toen ben ik regressietherapeut geworden. Vier jaar geleden ben ik gestopt met werken omdat ik ziek werd.
Mijn schilderscarrière is eigenlijk al 25 jaar geleden begonnen, toen ik een relatie met een kunstenaar had. Ik had altijd veel kritiek op zijn schilderijen en toen zei hij; ‘Ga zelf schilderen!’ Hij stuurde me naar een vriendin op les en dat heb ik acht jaar gedaan. Daarna ben ik nooit meer gestopt. En nu doe ik het dagelijks! Als ik schilder kom ik in een flow, het is een soort innerlijk vuur.”
Waarom zou dat niet mogen?
“Tot nu toe heb ik negen exposities georganiseerd, in hotels of op andere plekken in de stad, waarbij ik zelf de marketing deed. Nu ik niets anders doe dan schilderen vind ik mezelf een professioneel schilder en daar hoort bij dat je werk verkoopt. Gelukkig hoef ik er niet van te leven, maar die druk wordt wel steeds groter. Ik moet meer moeite doen om te exposeren, zeker in Amsterdam waar zoveel kunstenaars zijn. Je bent hier helemaal niet bijzonder. De laatste jaren exposeerde ik tijdens de Gay Pride, want ik vind het leuk om iets over homoseksualiteit te vertellen op zo’n tentoonstelling. Maar er is een enorme preutsheid gekomen, een antistemming tegen homoseksualiteit. Men wil geen naakte mannen tentoonstellen. Ik profileer mezelf ook niet meer als gay schilder, ik schilder mannen. Er straalt van mijn schilderijen wel een bepaalde mate van homoseksualiteit af, maar dat bén ik natuurlijk ook en daar ben ik trots op, waarom zou dat niet mogen?”
Het geheim van de schilder
“Alles heeft spelregels, ook kunst. In een schilderij moet iets gebeuren wat jou raakt en wat dat precies is, is natuurlijk het geheim van de schilder. Er moet een soort wonder in een schilderij zitten, een mysterie noem ik het eigenlijk liever. Dat doet goede kunst, het heeft een bepaalde aantrekkingskracht. Sommige schilders lukt dat van nature, het lijkt wel of alles wat zij maken meteen geweldig wordt. Voor mij is het vaak een enorme zoektocht om het op een hoger niveau te brengen. Wel heb ik het gevoel dat mijn techniek nog iedere dag verbetert. Behalve dat vind ik het ontzettend leuk, het is mijn passie. Schilderen geeft me vrijheid, ik mag maken wat ik wil. Het is mijn manier om iets van mezelf uit te drukken, mijn emoties en gedachtes. Het is mijn tweede natuur, het gaat vanzelf.”
.png)
.png)
.png)