Al weken heb ik uitgekeken naar mijn interview vanmiddag met de zeer getalenteerde Parool-journalist Tahrim Ramdjan (1998, Amsterdam), ook auteur van het veelgeprezen boek, Wat zullen de mensen zeggen? Tahrim is ervan overtuigd dat wij allemaal uit verschillende, soms schijnbaar tegenstrijdige, identiteiten bestaan. We hoeven echter niet te kiezen tussen al deze identiteiten. En we kunnen openstaan voor mensen met andere identiteiten.
Tahrim Ramdjan
Een veilige cocon in een pesterige omgeving
Tahrim is in een moslimgezin in de Bijlmer opgegroeid. Enkele decennia daarvoor waren zijn ouders vanuit Suriname naar Nederland geëmigreerd. Ze waren van Hindostaanse afkomst (Surinamers met voorouders uit het Indische subcontinent). Tahrims broer, die 14 jaar ouder was dan hij, woonde ook thuis bij de familie.
‘Het was een warm nest’, vertelt Tahrim. ‘Er kwamen veel mensen over de vloer, en mijn moeder en vader waren allebei heel actief in de Surinaamse-Hindostaanse gemeenschap, met radioprogramma’s bijvoorbeeld.’
Bij de basisschool lag het helaas anders voor Tahrim: ‘Ik had geen geweldige aansluiting met de andere kinderen. Sterker nog, ik werd erg gepest, want ik was niet goed in sport en behoorlijk introvert.’ Daarbij kwam dat Tahrim, al toen hij in groep acht zat, wist dat hij op mannen viel. Blijkbaar hadden de andere kinderen dat ook door. ‘Een keer scholden ze me op het schoolplein uit voor homo. Ik had geen idee wat ze daarmee bedoelden, want ik had de link tussen op mannen vallen en het scheldwoord “homo” nog niet gelegd.’
Uiteindelijk ging Tahrim naar een andere basisschool vanwege het pesten. Maar zijn familie bleef een veilige cocon voor hem. Tenminste, totdat zijn vader plotseling overleed toen Tahrim acht jaar was. ‘Vanaf dat moment zorgde mijn moeder voor ons onderdak, eten en veiligheid, maar er was weinig ruimte om de dood van mijn vader emotioneel te verwerken.’
Flink wennen en zware depressie
Na de basisschool ging Tahrim naar het St. Ignatiusgymnasium in Oud-Zuid. Het eerste gymnasiumjaar was flink wennen voor hem. ‘Ik kwam op een school terecht waar iedereen in mijn klas wit was, behalve ik’, legt Tahrim uit. ‘In de Bijlmer was er juist alleen maar één wit kind in de klas. Bij de kennismakingsdag op het St. Ignatius merkte ik al dat de andere scholieren me aankeken met een blik van: “Wie ben je, waar kom je vandaan?’’ Niet op een vijandige manier, maar met oprechte verwarring.’
Tijdens zijn eerste jaar op het St. Ignatius kwam Tahrims onverwerkte verdriet over zijn vaders overlijden ook naar boven. Het was allemaal te veel voor hem. Hij raakte in een zware depressie en bleef een halfjaar weg van school.
Spreken met een Gooische r
Met veel steun van een goede vriendin en hulp van een paar docenten in de zomervakantie kon Tahrim toch zijn eerste gymnasiumjaar afmaken en in de herfst gewoon naar de tweede klas gaan. Hij wilde zich nu wel zoveel mogelijk aanpassen aan zijn Oud-Zuidmilieu.
Zo probeerde hij de casual-chic kledingstijl van zijn klasgenoten te imiteren. Hij praatte bovendien met een ‘heel bekakt accent’, en sprak ook met een Gooische r. ‘Het was een semi-bewust proces’, zegt Tahrim. ‘Omdat ik in de Oud-Zuidomgeving zat, ging het een beetje vanzelf. Maar ik wist ook wel dat ik serieuzer zou worden genomen als ik zo praatte.’
Ondanks Tahrims fervente ‘assimilatiepogingen’ kwamen er altijd momenten waarop hem werd duidelijk gemaakt – in de vorm van bepaalde opmerkingen of grapjes – dat hij er niet bij hoorde. Tahrim: ‘Ik moet bijvoorbeeld denken aan de docent die eens tegen mij in de klas zei: “Ga maar terug naar de apen in de Bijlmer.”’
Coming-in
Toen Tahrim in de derde klas van het St. Ignatius zat en hij een keer op de trap met buitengewone interesse een knappe, blonde jongen observeerde, viel het kwartje voor hem. Hij begreep nu dat hij echt homo was. Kort daarna kwam hij uit de kast bij zijn vriendenkring op het gymnasium, en drie jaar later deed hij dit dunnetjes over voor de hele school tijdens een Paarse Vrijdagevenement
Na het gymnasium ging Tahrim studeren aan de UvA. Hij merkte dat zijn coming-out geen walhalla voor hem inluidde. ‘Voordat ik de homokroegen in ging, was ik actief op Grindr’, vertelt hij. ‘Daar golden ook allerlei rare codes en rangordes. Ik werd vaak als een stuk vuil behandeld vanwege mijn kleur of afkomst, of juist gefetisjiseerd.’
Zo heeft Tahrim ontdekt dat de ‘coming-in’ – het sluiten van vrede met jezelf zoals je bent – veel belangrijker is dan de coming-out.
De iftar-openbaring
In 2019 ging Tahrim naar een iftar – het dagelijkse verbreken van het vasten tijdens de ramadanmaand – die georganiseerd werd door Stichting Maruf, een groep die queer moslims helpt met zelfacceptatie en persoonlijke emancipatie. Het bleek een ware openbaring voor hem te zijn:
‘De iftar vond plaats op een zonovergoten dakterras in Zuidoost. Er waren duidelijk queers aanwezig, maar ook heteroseksuele ooms en tantes uit de moslimgemeenschap. Met z’n allen voerden wij een religieus ritueel uit, en het leverde geen gedoe op, maar louter geluk en plezier.’
Na deze iftar-maaltijd bezocht Tahrim andere activiteiten van Maruf, zoals lezingen in de Rode Hoed, hoewel hij meer een seculiere dan praktiserende moslim bleef.
Intersectioneel kijken naar je medemens
Al op het gymnasium werkte Tahrim voor de schoolkrant, en daarna bleef hij freelance schrijven voor diverse publicaties, waaronder NRC, Trouw, Het Parool en De Volkskrant.
Mede naar aanleiding van zijn eerdere ‘iftar-openbaring’, schreef Tahrim in 2020 een essay in de Correspondent met als titel: ‘Mij was wijsgemaakt dat ik niet homoseksueel én islamitisch kan zijn. Tot ik leerde dat ik niet hoef te kiezen’. Daarin vertelde hij niet alleen over zijn eigen inspirerende ervaring met de queer moslimgemeenschap, maar ook over hoe andere moslim lhbtiq+-ers hun religie en seksualiteit combineerden.
Daarna kreeg Tahrim verzoeken van enkele uitgevers om dit onderwerp uitgebreider te behandelen in een boek. Het resultaat was zijn essaybundel, Wat zullen de mensen zeggen?, die begin 2025 werd gepubliceerd.
Tahrim noemt deze essaybundel een ‘pleidooi voor het intersectioneel kijken naar onze medemens’. Wij hebben allemaal verschillende identiteiten binnen ons, stelt Tahrim, en hoe die identiteiten zich tot elkaar verhouden is uniek voor elke persoon en hangt heel erg af van de situatie. Zoals hij het in zijn boek verwoordt:
‘In de Reguliersdwarsstraat treedt mijn homoseksuele identiteit meer naar de voorgrond dan mijn islamitische. In de moskee is het andersom. Op de universiteit ben ik student; op de fiets ben ik een vrij mondige Amsterdammer. En wat hebben Koningsdag, het Eurovisie Songfestival en de paspoortcontrole op Schiphol met elkaar gemeen? Juist: daar en dan voel ik me vooral Nederlander.’ .....
‘Al die identiteiten hoeven elkaar volgens intersectionaliteit niet uit te sluiten: ze bestaan juist naast elkaar, nee, mét elkaar.’
‘Stap over je aarzeling heen’
Sinds 2022 werkt Tahrim in vaste dienst als verslaggever bij Het Parool. Zo heeft hij recent een serie artikelen geschreven over de luxe sportschoolketen Saints & Stars, die Filipijnse en Indonesische schoonmakers zou uitbuiten. Ook is hij sinds 2023 chef opinie bij Het Parool.
Verder geeft hij lezingen, zit hij in panels en modereert hij debatten. Zijn plannen voor de toekomst? Misschien schrijft hij meer boeken, of maakt hij een carrièreswitch naar kranthoofdredacteur of zelfs politicus.
In ieder geval blijft hij opiniestukken publiceren op persoonlijke titel. Zoals het essay dat hij in 2024 schreef in reactie op de rellen na de wedstrijd Ajax-Maccabi Tel Aviv: ‘Amsterdam is een door en door Joodse stad, maar Amsterdam is óók een door en door islamitische stad’.
Behalve een nominatie voor een journalistieke prijs, heeft dit essay een bijzondere vriendschap met een orthodoxe rabbijn voor Tahrim opgeleverd. En daarmee een voorbeeld van hoe wij, ondanks onze verschillende achtergronden en meningen, toch samen kunnen leven in deze maatschappij. Tahrim:
‘We hebben allemaal vooroordelen over bepaalde groepen. Maar je moet nieuwsgierig blijven naar de ander. Stap over je aarzeling heen, en ga het gesprek met elkaar aan. Als je dat met wederzijds respect doet, kan er een mooie dialoog ontstaan.’
.png)
.png)
.png)